Tekort aan vakmensen: hoe houden we schilder en stukadoor aan boord?
Wie vandaag een schilder of stukadoor zoekt om een werf te versterken, weet hoe moeilijk dat kan zijn. Vacatures raken niet altijd ingevuld en kandidaten beschikken niet noodzakelijk over de nodige ervaring om zelfstandig aan de slag te gaan. De Vlaamse VDAB bevestigt met zijn knelpuntberoepenlijst voor 2026 dat schilder-decorateur en stukadoor moeilijk invulbare functies blijven. Ook in Wallonië signaleert Le Forem problemen bij de aanwerving van onder meer peintres-décorateurs en plafonneurs. In Brussel brengt Actiris de eigen knelpuntberoepen en aanwervingsproblemen in kaart.
Voor de vakman en de bedrijfsleider heeft dat tekort concrete gevolgen. Planningen komen onder druk, opdrachten moeten soms worden uitgesteld en ervaren medewerkers krijgen er bijkomende verantwoordelijkheden bij. De oplossing ligt niet alleen in meer mensen opleiden. Ook efficiënter werken, nieuwe medewerkers goed begeleiden en het beroep aantrekkelijk houden, zijn noodzakelijk.
Waarom vacatures moeilijk ingevuld raken
Het tekort heeft verschillende oorzaken. Ervaren vakmensen verlaten de arbeidsmarkt, terwijl de instroom van jonge medewerkers onvoldoende groot is om dat verlies op te vangen. Bovendien vraagt afwerkingswerk meer dan een product met een rol, spaan of spuitmachine aanbrengen. Een schilder moet de ondergrond beoordelen, vochtproblemen herkennen, de juiste primer kiezen en weten welk verfsysteem geschikt is. Een stukadoor moet rekening houden met de ondergrond, de laagdikte, de verwerkingstijd en de omstandigheden tijdens het drogen.
Net die kennis maakt het moeilijk om een onervaren medewerker onmiddellijk zelfstandig in te zetten. Wie te snel werkt zonder de juiste voorbereiding, riskeert hechtingsproblemen, scheurvorming, kleurverschillen of extra herstelwerk. De tijdwinst die op de ene werf wordt geboekt, kan daardoor op een volgende werf volledig verloren gaan.
Ook de fysieke belasting speelt mee. Langdurig bovenhands werken, materiaal verplaatsen, zware machines bedienen en steeds wisselende werfomstandigheden vragen veel van het lichaam. Wanneer jongeren het beroep uitsluitend met zwaar manueel werk associëren, dreigen ze andere loopbaanmogelijkheden aantrekkelijker te vinden.
De cijfers verschillen per gewest en zijn niet zonder meer vergelijkbaar. De VDAB en Le Forem hanteren eigen arbeidsmarktgegevens en criteria; voor Brussel publiceert Actiris afzonderlijke analyses. Voor bedrijven in de drie gewesten is de praktische uitdaging evenwel vergelijkbaar: medewerkers vinden die het vak beheersen én hen voldoende perspectief bieden om in de sector te blijven.
Mechanisering: sneller werken zonder kwaliteitsverlies
Een van de mogelijkheden om het personeelstekort op te vangen, is meer werk verzetten met hetzelfde aantal mensen. Bij schilderwerken kunnen airless verfspuitsystemen daarvoor een oplossing bieden. Op grote, vlakke oppervlakken, in nieuwbouw of in lege ruimtes kan spuiten aanzienlijk sneller gaan dan rollen. De methode is echter niet voor elke opdracht de beste keuze. Afplakken, afschermen, de machine instellen en achteraf reinigen vragen eveneens tijd. In bewoonde woningen of ruimtes met veel details kan dat het productiviteitsvoordeel beperken.
Dezelfde afweging geldt voor de stukadoor. Een pleisterspuitmachine maakt het mogelijk om grote oppervlakken efficiënt te behandelen en vermindert het manuele aanbrengen van materiaal. Een goede voorbereiding van de ondergrond, de juiste mengverhouding en een correcte instelling van de machine blijven essentieel. Ook het afreien en afwerken vragen vakkennis en ervaring.
De winst zit dus niet uitsluitend in de snelheid van de machine, maar in de manier waarop het volledige werkproces wordt georganiseerd. Materiaal en machines moeten op tijd beschikbaar zijn, de ondergrond moet klaar zijn en de werkvolgorde moet kloppen. Anders verschuift de tijdwinst naar wachttijden of bijkomende handelingen.
Minder fysieke belasting, meer technische kennis
Mechanisering kan bovendien helpen om het werk ergonomischer te maken. Materiaaltransport, machinaal mengen en geschikte hulpmiddelen beperken bepaalde zware handelingen. Dat is niet alleen interessant voor jonge medewerkers, maar ook om ervaren vakmensen langer inzetbaar te houden.
Robotisering en digitale hulpmiddelen kunnen op termijn bijkomende mogelijkheden bieden, bijvoorbeeld bij repetitieve werkzaamheden of de planning van materiaal en personeel. De brede praktijk van schilder- en pleisterwerk blijft echter moeilijk volledig te automatiseren. Aansluitingen, hoeken, beschadigingen en onregelmatige ondergronden vragen om menselijke beoordeling en correctie.
Voor bedrijven is het daarom belangrijk om niet zomaar in de nieuwste apparatuur te investeren. De vraag is of de machine past bij het soort opdrachten, de omvang van de projecten en de beschikbare medewerkers. Een investering verdient zich pas terug wanneer ze regelmatig wordt gebruikt en het volledige werkproces efficiënter maakt.
Een jonge vakman opleiden op de werf
Een nieuwe medewerker vinden is één zaak; ervoor zorgen dat die blijft, is een andere. Opleidingen van onder meer VDAB, Le Forem en Bruxelles Formation bieden trajecten aan voor verschillende afwerkingsberoepen. De inhoud en voorwaarden verschillen per gewest, maar praktijkervaring blijft overal een belangrijke schakel tussen opleiding en zelfstandig werk.
Voor de werkgever begint de begeleiding zodra de nieuwe medewerker op de werf aankomt. Laat een beginner niet onmiddellijk de moeilijkste afwerking uitvoeren, maar bouw de verantwoordelijkheden geleidelijk op. Begin bijvoorbeeld met materiaalvoorbereiding, afscherming en eenvoudige uitvoeringshandelingen. Laat daarna zien hoe je een ondergrond beoordeelt, producten kiest en het resultaat controleert.
Een ervaren collega die tijd krijgt om kennis over te dragen, voorkomt fouten en helpt de nieuwkomer sneller vooruit. Dat vraagt een investering in werkuren, maar kan op termijn herstelwerk en personeelsverloop beperken. Een goede begeleiding is bovendien een duidelijk signaal dat vakmanschap wordt gewaardeerd.
Ook het beroepsimago verdient aandacht. Schilderen en stukadoren zijn geen eenvoudige uitvoeringsjobs waarbij iedereen zonder opleiding aan de slag kan. Het zijn technische beroepen waarin materiaalinzicht, precisie en probleemoplossend vermogen het verschil maken. Die boodschap mag duidelijker naar voren komen bij jongeren die een studiekeuze maken.
Een ervaren collega die tijd krijgt om kennis over te dragen, voorkomt fouten en helpt de nieuwkomer sneller vooruit. Dat vraagt een investering in werkuren, maar kan personeelsverloop beperken. Een goede begeleiding is bovendien een duidelijk signaal dat vakmanschap wordt gewaardeerd.
Productiviteit moet ook rendabel zijn
Meer vierkante meters per dag realiseren, betekent niet automatisch dat een bedrijf meer verdient. De kostprijs van machines, onderhoud, verbruiksmateriaal en opleiding moet worden afgewogen tegen de tijdwinst. Ook voorbereiding, verplaatsingen, wachttijden en herstelwerk bepalen het uiteindelijke rendement.
Een airless spuitsysteem kan bijvoorbeeld een groot voordeel opleveren op een omvangrijke nieuwbouwopdracht, maar minder geschikt zijn voor een kleine renovatie met veel afplakwerk. Een pleisterspuitmachine rendeert vooral wanneer voldoende werkvolume beschikbaar is en de werf goed voorbereid is. De juiste keuze hangt dus af van de opdracht, niet van de technologie op zich.
Daarnaast moeten werkgevers aandacht besteden aan een correcte verloning, veilige werkomstandigheden en haalbare planningen. Wie voortdurend onder tijdsdruk werkt, ziet de kwaliteit en motivatie sneller onder druk komen. Een goed georganiseerde werf, degelijk materiaal en duidelijke afspraken met andere aannemers maken het werk niet alleen efficiënter, maar ook aantrekkelijker.
Een ervaren collega die tijd krijgt om kennis over te dragen, voorkomt fouten en helpt de nieuwkomer sneller vooruit
Vakmanschap blijft de basis
Het tekort aan schilders en stukadoors verdwijnt niet met één maatregel. Bedrijven moeten tegelijk investeren in opleiding, begeleiding, mechanisering en een werkorganisatie die medewerkers perspectief biedt. Dat geldt voor de afwerkingssector in Vlaanderen, Brussel en Wallonië, al verschilt de regionale arbeidsmarkt.
Machines kunnen zwaar werk verlichten en bepaalde handelingen versnellen. Ze nemen de verantwoordelijkheid voor een correcte ondergrondvoorbereiding, een geschikte materiaalkeuze en een verzorgde afwerking echter niet over. Net die combinatie van technische kennis en praktische ervaring blijft de kern van het beroep.
Wie nieuwe vakmensen wil aantrekken én behouden, moet daarom twee zaken duidelijk maken: het werk vraagt echte deskundigheid, en die deskundigheid biedt kansen om zich te specialiseren, door te groeien en een rendabele loopbaan uit te bouwen.